Molen in beeld

Een foto in het Friesch Dagblad op 2 mei j.l, dat meldde mij Froukje Bouma van Dorpsbelang Sumar en ook mijn buurvrouw Johanna, die kwam me de foto vandaag overhandigen. Bijgaand de gescande afbeelding, uitzicht richting molen met pony van Jan vd Vegt.

En dan was er nog die drone piloot, die kort geleden zijn rondje om de molen maakte. Ik ben op de hoogte van zijn naam, maar hij wenst graag anoniem te blijven, en dat respecteer ik. Bijgaand de link naar het filmpje. Veel kijkplezier.

Gelukkig, geen BRAND

Afgelopen dinsdagavond 2 mei sloeg molenaar Anne alarm. Er was brand in de werkplaats op de tweede graanzolder ontstaan en er miste een molenaar.

De brandweer was snel ter plekke. Als eerste concentreerde men zich op de brandhaard, wetende dat brand in een molen niet of nauwelijks te bedwingen is. Opgebouwd uit voornamelijk houten onderdelen, die door en door droog zijn na een droogtijd van minstens 150 jaar, de leeftijd van de molen, en afgedekt met riet, dat wil best branden.

Nadat Anne grondig uitgehoord was door de brandweercommandant over de situatie in de molen, de steile trappen en de vermoedelijke plek van de brandhaard gingen er een aantal brandweerlieden, gewapend met zuurstofflessen en voorzien van een brandslang de molen in. Op de tweede graanzolder stond al heel wat rook. Binnen korte tijd was men de mini brand meester. Gelukkig maar, want er was nog een molenaar spoorloos.

Na een speurtocht in de molen trof de brandweer de molenaar buitenkennis aan onder de wiekenas op de kapzolder. Je zult er maar liggen als molenaar of als gast van de molen, bedwelmd door de rook en/of met gebroken been. Hoe kom je ooit nog beneden?

Vastgesjord op een slachtofferplank werd de molenaar de steile trappen af gesjouwd. Gelukkig voor onze molenaar was hij slechts een pop. Een pop die vervolgens via de maalzolder op de stelling belandde, en van daaraf neergelaten werd op het molenerf. Dat is snel opgeschreven, maar zo’n actie vergt toch gauw een halfuur ploeteren op steile trappen.

Gelukkig was dit maar een oefening. Als vrijwillige molenaars zijn wij verantwoordelijk voor de veiligheid in de molen, de veiligheid voor ons zelf en voor onze gasten. Er wordt dus niet gerookt in en om de molen. Maar een ongeluk blijft niet denkbeeldig met steile trappen en met luiken her en der in de molen. En dan nog maar gezwegen over het gaande werk dat in beweging komt bij het draaien van de wieken.

De vrijwillige (en beroeps-) brandweer, in dit geval uit Burgum en werkzaam als onderdeel van de Brandweer Noordoost-Fryslân, is o.a. verantwoordelijk voor de bestrijding van brand en het voorkomen van uitbreiding van de brand naar belendende percelen. Maar ook voor hulpverlening aan slachtoffers bij brand, of bijvoorbeeld aan verkeersslachtoffers.

Wat de molen betreft, daar was men helder over. Bij een echte brand is de molen niet of nauwelijks te redden, of er moet een kostbare sprinklerinstallatie ingebouwd worden. De brandbestrijding komt bij een molenbrand altijd op de eerste plaats en meestal zonder dat men de molen ingaat, want een molen trekt als een schoorsteen. Daarna richt men zich op de mensen die zich misschien nog in de molen bevinden.

Het is natuurlijk van belang dat je min-of-meer blindelings de weg weet in de molen, dat je weet waar mogelijke uitgangen zich bevinden, dan maak je misschien een kans bij brand in een molen. In huis of bedrijf / hotel is het goed om je voor te bereiden op een eventuele calamiteit als brand: “Wees voorbereid: Maak een vluchtplan!” staat er niet voor niets afgebeeld aan de buitenzijde van brandweerwagen.

Gelukkig, het was dus geen echte brand, maar een echte brandweeroefening. En kennisoverdracht aan de molenaars, zodat we qua veiligheid in de molen de puntjes op de i kunnen zetten.

Namens alle molenaars bedank ik de Brandweer van Burgum voor de leerzame avond.

Voor je nummer op moeten komen – 21

Militair paspoort KLu
Mei 1969, voor zijn nummer opgekomen

Tegenwoordig uit de mode, hoewel er regelmatig in de Tweede Kamer over gedebatteerd wordt: voor je nummer op moeten komen. Volgens de Dikke van Dale wordt met “voor zijn nummer op moeten komen” bedoeld dat je als militair in dienst moet, opkomen voor (toen nog) koningin en vaderland! In 1969 was ook ik voor anderhalf jaar het haasje. Mijn oude militaire paspoort bevat foto inclusief nummer, geportretteerd bij de Koninklijke Luchtmacht.

U begrijpt dat er binnen de huidige generatie molenaars heel wat voormalige dienstplichtige en beroepsmatige militairen rondlopen. Dat levert uiteraard regelmatig de nodige sterke verhalen op. De gemiddelde leeftijd van de molenaars op De Hoop was per ultimo 2016 overigens 66 jaar.

Een geheel ander nummer betreft het “huisnummer” van de molen aan het Mounepaed in Sumar. Er zijn instanties zoals nutsbedrijven, die vooral facturen naar de molen sturen, en andere bedrijven die refereren aan de molen. En dan verbaast het je dat er diverse nummers in omloop zijn, onder andere 1, 3, 4, 7 en 21. Ook internetsites bezigen weer verschillende nummers, of laten het nummer achterwege. Uit navraag bij de Gemeente T-diel bleek dat de molen officieel geen huisnummer had, er stond geen nummer in de basisadministratie. Het werd de hoogste tijd om voor het nummer van de molen op te komen.

Mounepaed 21

B&W van T-diel besloten per 6 maart 2017 tot het toekennen van nummeraanduiding Mounepaed 21 Sumar, en dat de vastgestelde nummeraanduiding wordt aangebracht overeenkomstig de bij het besluit gevoegde voorwaarden. Aldus geschiedde met een authentiek geëmailleerd bordje.

Zo’n nummer is tevens een geheugensteuntje voor ons, want het nummer geeft toevallig ook de lengte aan van de roedes die door de kop van onze wiekenas zijn gestoken, 21 meter aan één stuk. Bij rondleidingen wordt er regelmatig naar gevraagd: “hoelang is nu zo’n wiek tot aan de wiekenas”, 10,5 meter dus.

BG, wederom wit geschilderd

Overigens kunnen we weer wat gemakkelijker de molen laten zien, want de restauratie-werkzaamheden door bouwbedrijf Swart zijn op wat kleine details na klaar en het schilderwerk is inmiddels afgerond. De molen ziet er weer prachtig uit. Ook de binnenmuur op de begane grond heeft schildersbedrijf Wits even meegenomen, die is dus weer wit.

Alle bouwmaterialen en verfpotten zijn weer verdwenen, u kunt de molen weer wat eenvoudiger betreden. De meidoornhaag om de molen is inmiddels geplant. Het erf is echter nog niet geëgaliseerd, daar stort de Gemeente zich binnenkort op. Voorlopig houden we het molenerf afgesloten voor het parkeren van auto’s. Zaterdagse gasten en winkelbezoekers zullen hun auto langs het Mounepaed moeten parkeren.

A.J. Postmus Transport, Carpe Diem

 

Wij verzoeken u dringend NIET op het privéterrein van Transportbedrijf Postmus te parkeren.

Erfbelasting

Tijdens de schoonmaakactie van ons molenerf hadden we er geen erg in, maar nu de vrijwilligers van Transportbedrijf Aize Postmus en Loonwerk, grondverzet en bestratingenbedrijf Maurice Land het veld hebben geruimd, kunnen we vaststellen dat we ook nog te maken hebben met stevige erfbelastingen.

In de eerste plaats is daar de molensteen, die op de begane grond in de molen in de weg lag. Zo’n molensteen heeft een doorsnede van 1,5 meter en weegt ongeveer 1200 kg. Volgens Aize betreft het een afgekeurde loper uit de molen, en hij kan het weten, zijn vader Jan Postmus was de laatste particuliere eigenaar van de molen. Afgelopen zaterdag werd door bovengenoemde vrijwilligers de molensteen uit de molen gemanoeuvreerd en aan de NW-kant tegen de molen geplaatst, zodat de steen zichtbaar is vanaf het Mounepaed. Hier is dus duidelijk sprake van erfbelasting!

De tweede erfbelasting is deze maand nog gaande. Bouwbedrijf Swart is al een paar weken druk bezig met het restaureren van balken, muurankers, buitenmuren, vinken en roedewiggen. Die werkzaamheden zullen komende week worden afgerond.

Op de foto een van de balken op de werkplaatszolder die door Swart perfect van een nieuwe kop is voorzien, de oude was behoorlijk verrot en het muuranker was zeer sterk verroest.

En Schildersbedrijf Wits is deze week begonnen met het schoonmaken van de te schilderen onderdelen van de molen. En dat geeft al weer een zonniger aanzien van de molen. Hun hoogwerker, met op de foto de werkbak op zo’n 18 meter boven het maaiveld, zorgt ook voor een plaatselijke erfbelasting.

En “last but not least” hadden de molenaars vorige week woensdag nog bezoek van de NAVO, een zware delegatie onder aanvoering van hun gastheer de Kapitein-Luitenant-Ter-Zee-Arts Hans Putters uit Sumar. Het bleek een werkgroep te zijn van marine medici in NAVO verband, die zich buigt over maritiem geneeskundige aspecten. De deelnemers kwamen uit USA, GBR, CAN, FRA, ITA, DUI, NOR, BEL en NL.

Best wel belastend voor ons molenaars, want er moest een Engelstalige informatie (De Hoop Engels 2017) gemaakt worden en we wilden alle 11 deelnemers graag de volledige molen tonen, en dat allemaal binnen een uurtje. De voorbereiding en uitvoering vergden toch ook weer ca. 8 vrijwillige molenaarsuren. Maar we doen het graag.

Hans Putters was belast met de organisatie. Toen het verzoek kwam, hoefde Hans geen moment te twijfelen over waar hij de bijeenkomst zou gaan organiseren, namelijk gewoon in de eigen prachtige regio.

En zo kwam het dat Noardburgum en Sumar onderdeel werden van het sociale programma, een bezoek in vrijetijdskleding aan de Scherjon’s klompenmakerij & museum en aan Korenmolen De Hoop. Het gezelschap hoge geneeskundige officieren lieten zich informeren over en rondleiden langs een belangrijk stukje regionaal cultuurgoed dat onze streek rijk is.

Op de foto het gezelschap, met daarbij aan de flanken en in het midden v.l.n.r. de molenaars Anne, Willem en Jan, het erf voor de invaart van de molen zwaar belasten, hoewel minder zwaar dan de molensteen. Hans Putters meldde ons achteraf: “men genoot enorm van de gastvrijheid en de bereidheid om in het Engels geïnformeerd te worden en de middag werd als een buitengewoon leuke, interessante en ontspannen onderbreking ervaren”.

Voorjaarsschoonmaak gemeentelijk molenerf SUMAR

11 maart 2017. De grootste, ooit door vrijwilligers uitgevoerde schoonmaakactie van een molenerf, vond plaats in Sumar.

Nadat door de gemeente T-diel een paar weken geleden al de brede houtopstand werd gekapt, vond vandaag van 7:30 tot 14:30 uur met prachtig voorjaarsweer het “ontstobben” van het gemeentelijke molenerf met klein en vooral groot materieel plaats.

Buurman Jan vd Vegt krikt zijn laatste erfafscheidingspalen uit de grond.

 

Belangeloos werd door onze buren Fokje en Aize Postmus, van Transportbedrijf Postmus, vrachtwagens, containers en bemanning ingezet om kubieke meters boomstobben af te voeren.

Daarnaast werd, ook op vrijwillige basis, door Maurice Land en zijn mannen (van het Loonwerk, Grondverzet en Bestratingenbedrijf Maurice Land, Noardburgum) de strijd aangegaan met de boomstobben.

 

 

 

Zij gingen met een aantal zware machines de vele hevig weerstand biedende boomstobben te lijf, rukten deze uit de grond, om ze vervolgens in de containers te dumpen.

 

 

 

 

En daarna werd het terrein voorzien van zwarte aarde, beschikbaar gesteld door de gemeente. Het terrein werd tenslotte geëgaliseerd opgeleverd door alle vrijwilligers.

Geweldig, wat een metamorfose. Geweldig, wat een inzet!

Tussendoor zorgde Fokje Postmus voor koffie met koek en werd er rond het middaguur erwtensoep en roggebrood met spek geserveerd, beschikbaar gesteld door onze sponsor Geesje Duursma van Restaurant De Pleats in Burgum. Uiteraard onze hartelijke dank daarvoor.

Molenaarsconclaaf

De molenaars zijn verguld met de inzet van zoveel vrijwilligers om het molenerf weer een nieuw aanzien te geven, dat past in de open, landelijke omgeving. De beeldbepalende molen komt, gezien vanuit alle windstreken, steeds beter tot z’n recht, De biotoop en de windvang zijn al sterk verbeterd.

A.J. Postmus Transport, Carpe Diem

De bewoners rond de molen hebben samen met de molenaars laten zien dat zij met elkaar heel veel kunnen bereiken voor de gemeenschap.

Nu is de gemeente T-diel weer aan zet. Er zal aan de rand van het molenerf een meidoornhaag geplaatst worden, geheel in stijl met de haag langs het Mounepaed. En ook zal het molenerf verder geëgaliseerd, ingezaaid en deels bestraat worden, wanneer de huidige onderhoudswerkzaamheden door de firma’s Swart en Wits zijn afgerond.

Jeroen Gebben zei na zijn installatie als burgemeester van T-diel: “Ik bin der tige mei ynnommen om boargemaster fan Tytsjerksteradiel wêze te meien en wol my der krêftich foar ynsette om meiïnoar it bêste maatskiplike risseltaat yn it hert fan Fryslân te berikken.”

We geloven dat de gemeenschap van Sumar hem daarbij al aardig heeft geholpen!

De molenaars zijn er trots op om de korenmolen in Sumar wekelijks te mogen laten draaien en open te stellen voor het publiek. Komende zaterdag is de molen zoals gebruikelijk weer open van 9:00 tot 14:00 uur.

Knuppelstrop om de ezel

Een knuppel, een strop en een ezel, voor sommigen mensen zijn deze woorden koren op de molen, zo vlak voor de verkiezingen in maart. Een knuppelstrop om een ezel kan bij een leek ook best wel een luguber beeld oproepen. In de molenaarswereld gaat het om iets minder levensbedreigend. Eeuwenlang worden er door smederijen al knuppelstroppen van ijzer gesmeed. En die stroppen werden door molenmakers ter versteviging aangebracht om houten assen, spillen en soms om een balk. Versteviging gebeurde nabij de plek waar een gat in de balk of as werd aangebracht, bijvoorbeeld om een (wiek-)roede door te steken of een tapijzer (aslager) in te steken.

Bij De Hoop werd nog niet zolang geleden geconstateerd dat de ezel enigszins ingescheurd was. De ezel is een verticaal opgehangen balk in de kap van de molen. In de ezel is een vierkant gat uitgehakt, waarin de zware eikenhouten vangbalk scharniert rond een pen die door het gat in de ezel steekt (zie tekening uit de opleiding vrijwillige molenaar). Die vangbalk fungeert als ongeveer 500 kg zwaar rempedaal van de vang (de remblokken), waarmee de molenaar de wieken stilzet. En dat rempedaal moet wel altijd blijven functioneren.

Om een lang verhaal kort te maken, om de ezel is gisteren (25 februari) dus een knuppelstrop aangebracht om verder inscheuren te voorkomen en de werking van de vang te garanderen.

Die knuppelstrop is op ons verzoek gemaakt in de smederij van het Skûtsjemuseum in Earnewâld (Eernewoude).

Ook in het Skûtsjemuseum is het goed verpozen. Ga er eens een kijkje nemen. Voor openingstijden zie Museum. Centraal in het museum staat het leven van een vroegere generatie zeilschippers, die op skûtsjes voeren. Maar ook de kampioenscompetities van SKS en IFKS van vandaag de dag krijgen volop aandacht. De smederij en zeilmakerij komen in speciaal ingerichte werkplaatsen aan bod. Maalkoppels zoals in De Hoop kennen ze natuurlijk niet, maar net als op de molen: het betreft oude ambachten, nationaal erfgoed binnen de gemeente Tytsjerksteradiel, dat wij als vrijwilligers voor ons nageslacht willen behouden.